search clock hat location star arrow-right right-item tools kalender opleiding download play link phone mail calendar

B-normen

Inspectie proof

Voor peuterspeelzalen is de wetgeving op het gebied van fysieke belasting uitgewerkt in A- en B-normen. In deze normen staat precies aan welke voorwaarden je organisatie moet voldoen. Zowel de werkgever als de werknemer is verplicht zich hieraan te houden. Je kunt de normen ook gebruiken als checklist.

De A-normen hebben betrekking op werkhoudingen en werkhandelingen, zoals tillen en bukken. De B-normen hebben betrekking op meubilair en de inrichting van de ruimte.

Bedden

  • B1
    Als kinderen in en uit bed moeten worden getild, zit het bed zo in elkaar dat de bovenkant van het matras tussen de 85 en 110 centimeter boven de vloer ligt. Het advies is een werkhoogte tussen de 85 en 100 centimeter. Bij gebruik van een stapelbed slapen kinderen uitsluitend in het bovenste bed. Een van de zijkanten aan de lange zijde van het bed moet gemakkelijk kunnen worden weggeschoven of weggeklapt. Een mogelijke constructiedwarsbalk boven de toegangszijde is minimaal 180 centimeter hoog, zodat de medewerker niet op hoofdhoogte wordt gehinderd.
  • B2
    Voor kinderen die zelfstandig in en uit bed kunnen klimmen, zit het bed zo in elkaar dat kinderen er zonder of met weinig hulp in en uit kunnen stappen. Wanneer er geen hulpmiddelen worden gebruikt (zoals een ladder of trapje) is de opstap van de vloer naar het bed maximaal 30 centimeter. Bij gebruik van een stapelbed moeten kinderen via een trap of ladder zelf in het bovenste bed kunnen klimmen. De bovenkant van het matras van het bovenste stapelbed bevindt zich op een hoogte van maximaal 110 centimeter boven de vloer.
  • B3
    Voor het verschonen van bedden moet een plaats aanwezig zijn waar matrassen op volwassen hoogte kunnen worden verschoond.
  • B4
    Elk bed is minimaal aan één lange zijde afzonderlijk bereikbaar.
  • B5
    De werkruimte aan de lange zijde van het bed is minimaal 60 centimeter breed, zodat de medewerker voldoende ruimte heeft om kinderen in bed te leggen en eruit te halen. Het gangpad tussen de bedden is dus minimaal 60 centimeter breed. Bij stapelbedden moet het gangpad minimaal 80 centimeter breed zijn.

Aankleedtafels

  • B6
    In een kinderdagverblijf of peuterspeelzaal moet een verstelbare aankleedtafel aanwezig zijn,  zodat elke medewerker kinderen op volwassen hoogte kan verschonen. Dit kan het beste  worden gerealiseerd met een aankleedtafel waarvan de werkhoogte (inclusief  aankleedkussen) minimaal kan variëren tussen de 85 en 105 centimeter, in stappen van  maximaal 5 centimeter.
  • B7
    De afmetingen van de verschoonplek zijn zo dat het kind zowel 'recht' als 'dwars' kan worden verschoond. Het advies is een diepte van minimaal 70 en een breedte van circa 90 centimeter.
  • B8
    Het blad van de aankleedtafel steekt aan de voorzijde minimaal 2 centimeter uit boven het ondergelegen verticale vlak. De plint van de aankleedtafel wijkt minimaal 10 centimeter terug, zodat de medewerker de voeten goed voor de aankleedtafel kan plaatsen.
  • B9
    Aankleedtafels staan in of aan de leefruimte.
  • B10
    Vóór de aankleedtafel is minimaal een werkruimte van 80 centimeter.
  • B11
    Voor kinderen die kunnen lopen, is een voorziening aanwezig zodat ze zelf de aankleedtafel op en af kunnen klimmen of glijden.
  • B12
    Als kinderen door een handicap niet zelf op een aankleedtafel kunnen klimmen en deze kinderen zwaarder zijn dan 15 kilo, mag alleen gebruik worden gemaakt van de aankleedtafel als er een aparte voorziening aanwezig is voor het verticale transport, zoals een tillift.
  • B13
    Waterkranen bij de aankleedtafel zijn onder handbereik.
  • B14
    De maximale reikwijdte naar kleding, hulpmiddelen en toiletartikelen, gemeten vanaf de voorzijde van de aankleedtafel, is 60 centimeter.

Sanitaire ruimten

  • B15
    Elementen in de sanitaire ruimte die kinderen zelfstandig gebruiken, zoals toilet en handenwasgelegenheid, moeten zodanig afgewerkt en geplaatst zijn dat kinderen ze  eenvoudig en zelfstandig kunnen gebruiken.
  • B16
    Om kinderen op en rond het toilet te helpen, is aan één zijde van het toilet (voor- of zijkant) een vrije ruimte van 100 centimeter.

Zitmeubels

  • B17
    De medewerker beschikt over een stoel of bank met adequate rugsteun en armleuningen die voldoende ondersteuning geeft bij het geven van de fles.
  • B18
    Eten en andere activiteiten met kinderen die worden uitgevoerd onder begeleiding van een medewerker en die langer duren dan 4 minuten per keer, vinden zodanig plaats dat de medewerker op volwassen hoogte kan zitten en haar voeten vlak kan neerzetten.
  • B19
    Kinderen zwaarder dan 15 kilo klimmen zelfstandig in en uit hoge kinderstoelen, of met begeleiding maar dan zonder dat de medewerker hoeft te tillen.
  • B20
    Voor zittende activiteiten op de grond die langer duren dan 4 aaneengesloten minuten, is een juiste steun vereist. Zittende activiteiten op de grond met een juiste rugsteun, zitkussen of ander hulpmiddel duren niet langer dan 15 aaneengesloten minuten.

Boxen

  • B21
    Baby's tot 8 kilo mogen in een standaardbox liggen met een verhoogde bodem (ongeveer 45 centimeter boven vloerniveau).
  • B22
    Baby's vanaf 8 kilo mogen alleen in een hoge box worden gelegd. De hoogte van de bodem van een hoge box ligt tussen 85 en 100 centimeter boven vloerniveau.
  • B23
    Hoge en lage boxen zijn over één gehele of bijna gehele zijkant toegankelijk, zodat de medewerker gemakkelijk bij het kind kan.
  • B24
    Een hoge box is maximaal 90 centimeter diep als deze box aan één zijde te openen is. Een box is maximaal 160 centimeter diep als deze box aan twee tegenovergestelde zijden te openen is.
  • B25
    De box zit zo in elkaar dat de medewerker geen risico loopt op het stoten van het hoofd en op grote reikwijdtes door hinderlijke constructiedelen. Een mogelijke constructiedwarsbalk boven de toegangszijde is minimaal 180 centimeter hoog.
  • B26
    Bij toepassing van een lage box is aan de toegangszijde een werkruimte van minimaal 60 centimeter vereist, zodat de medewerker voldoende ruimte heeft om kinderen in de box te leggen en eruit te halen.
  • B27
    Bij toepassing van een hoge box is aan de toegangszijde een werkruimte van minimaal 80 centimeter vereist, zodat de medewerker voldoende ruimte heeft om kinderen in de box te leggen en eruit te halen.

Intern en extern transport

  • B28
    Goederen zwaarder dan 23 kilo worden alleen verplaatst met gebruikmaking van een transportmiddel.
  • B29
    Stoelen en tafels die frequent worden verplaatst, zijn gemakkelijk verschuifbaar.
  • B30
    De duwkracht van een vervoermiddel bedraagt maximaal 20 kilo.
  • B31
    Een duwstang van een vervoermiddel heeft een vaste hoogte van 100 centimeter of is in hoogte instelbaar.
  • B32
    Kinderwagens, wandelwagens en bolderkarren moeten goed bestuurbaar zijn.

Keuken en wasruimte

  • B33
    Als een medewerker langer dan 2 uur per dag bukkend werk verricht, staan wasmachines, wasdrogers, vaatwassers en andere apparaten op werkhoogte. De onderrand van de vulopening van het apparaat moet zich op een hoogte van 70 tot 85 centimeter van de grond bevinden.

Buitenruimte

  • B34
    Medewerkers kunnen in de buitenruimte zitten op volwassen hoogte en diepte.
  • B35
    De drempel van de entree van de berging is maximaal 2 centimeter hoog en bij voorkeur afgerond. Beter is om helemaal geen drempel toe te passen.
  • B36
    De berging heeft voldoende vrij vloeroppervlak, zodat spullen zwaarder dan 23 kilo niet op een plank gezet of opgehangen moeten worden.
  • B37
    Planken en schappen waar iets moet worden opgezet, moeten vrij toegankelijk zijn. Er mogen geen voorwerpen op de grond liggen die de toegang belemmeren.
  • B38
    Bij de inrichting van de buitenberging moet rekening worden gehouden met reiken, bukken en tillen. Spullen die regelmatig worden gebruikt, staan op maximaal 128 centimeter hoogte. De schappen zijn niet te diep en gemakkelijk toegankelijk.

In het arbeidsmarktplatform Jeugdzorg werkt! werken de volgende partijen samen: