search clock hat location star arrow-right right-item tools kalender opleiding download play link phone mail calendar

Verlichting

Inspectie proof

Een goed verlichte werkplek is belangrijk om gezond en plezierig te kunnen werken. Welke regels gelden er?

  • De lichtsterkte op de werkplek moet tussen 200 en 800 lux liggen. Als je veel details moet waarnemen, moet de sterkte tussen 800 en 3.000 lux liggen. In gangen en trappenhuizen mag de lichtsterkte minder zijn (tussen 10 en 200 lux), zolang je je er maar goed kunt oriënteren.
  • Werkoppervlakken zoals bureaublad en beeldscherm mogen niet spiegelen. Met indirecte verlichting of beeldschermarmaturen of voorkom je spiegelingen in het scherm. Stel werkplekken zo op dat de kijkrichting parallel is aan het raam. Zo kijk je niet tegen het daglicht in en valt het daglicht niet op je beeldscherm. Zorg ook voor geschikte zonwering die spiegeling voorkomt, zoals een zonnescherm, jaloezieën of getint glas.

Overige tips:

  • Licht is erg belangrijk voor onze stemming, ons bioritme en onze gezondheid. Daglicht verdient altijd de voorkeur, vooral op plaatsen waar mensen langer aanwezig zijn. Maar daglicht heeft ook nadelen. Zo kan de zon een ruimte sterk opwarmen. Deze warmte-inbreng kun je voorkomen door buitenwering, luxaflex of vitrage te plaatsen.
  • Te weinig licht kan leiden tot sufheid, maar ook te veel licht kan hinderlijk zijn. De beste oplossing is voldoende daglicht in combinatie met een zonwering die je zelf kunt bedienen.
  • De kleur van het licht is belangrijk voor de beleving ervan, zeker bij kunstlicht. Kies licht waarin zoveel mogelijk kleuren voorkomen, net als bij daglicht. Dit geldt onder meer voor halogeenlampen. Het is goed als de kleurweergave-index (KWI) in elk geval boven de 80 ligt. De classificatie is als volgt: 100-90 zeer goed, 90-80 goed, 80-60 redelijk, 60-30 slecht. Vooral op plaatsen waar weinig zonlicht komt, is een hoge KWI belangrijk.
  • Plaats bij het inrichten van opslagplaatsen de verlichting boven de looppaden. Dan valt er meer licht op de schappen en neemt het struikelgevaar af.
  • Plaats tl-buizen niet in open armaturen. Als de tl-buis breekt, komen overal fijne glassplinters terecht. Kies liever voor gesloten armaturen, zodat het glas bij een breuk in het armatuur blijft.
  • Maak lampen en armaturen regelmatig schoon, zodat de verlichtingssterkte optimaal blijft.
  • Vervang defecte lampen op tijd. Als een tl-buis begint te knipperen, duurt het meestal niet lang voordat de volgende ook uitvalt. Zeker op slecht bereikbare plaatsen kan het slim zijn om alle lampen tegelijkertijd te vervangen.
  • Stel bij nieuwbouw of verbouw in een vroeg stadium een verlichtingsplan op. Ook als een ruimte een andere functie krijgt, is het goed om stil te staan bij de verlichting.

Meer weten?

Op de site van de Nederlandse Stichting Voor Verlichtingskunde vind je een informatieve folder over verschillende soorten lampen en een pagina over led-verlichting.

In het arbeidsmarktplatform Jeugdzorg werkt! werken de volgende partijen samen: